Zeven Leidse dak- en thuisloze jongeren tussen 18 en 27 jaar kregen in 2025 een onvoorwaardelijk leef- en leergeld van €1.308 per maand. Hun leven veranderde op slag. Door minder stress, minder schulden en ze gingen weer werken of pakten de studie op. “Ik heb met deze periodieke uitkering niet langer constant het gevoel te moeten overleven, maar gewoon te leven”, vertelt een van de deelnemers.
door Hans Schuurman
In de regio Holland Rijnland verblijven ongeveer 250 jonge dak- en thuisloze jongeren, vertelt Abdelhaq Jermoumi, wethouder Jeugd (Pro). Waarvan mogelijk zo’n honderd in Leiden. Zij slapen in de opvang, bij kennissen op de bank of soms in de open lucht. Met hun nieuw verkregen financiële zekerheid kunnen zij verder kijken dan alleen de dag van vandaag. Sommigen maakten hun studie af, wisselden van baan of haalden hun rijbewijs. Anderen kozen ervoor om tijdelijk niet te werken, in therapie te gaan of meer tijd door te brengen met familie en vrienden. Zo lieten zij de verplichtingen van hun onzekere bestaan, sollicitatieplicht, schulden aflossen en een jongerenbijstandsuitkering (€280 per maand), achter zich.
Vertrouwen wekken
Leiden, samen met andere gemeenten doet mee aan Het Bouwdepot, een experiment met onvoorwaardelijk geld. De gemeenten tonen hiermee vertrouwen in hun jongeren, in contrast met landelijke wet- en regelgeving die wantrouwen uitstraalt via opgelegde informatie- en sollicitatieplicht.
Het experiment blijkt niet alleen voordelig voor de jongeren, maar ook voor de gemeente zelf. Jongeren gaan sneller zelfstandig wonen in plaats van begeleid wonen, treffen betalingsregelingen voor hun schulden en hebben minder maatschappelijke ondersteuning nodig. Toch kan de gemeente hiervoor geen geld van het Rijk declareren. Omdat de gemeente afwijkt van de Participatiewet en Bijstandswet.
De kosten van Het Bouwdepot, tussen €1.000 tot €1.400 per maand per jongere, zijn bovendien lager dan hun begeleidingskosten en opvang, die vaak per jongere in de €3.000 tot €5.000 per maand belopen. De gemeenschap is dus duurder uit omdat het concept met onvoorwaardelijk geld botst met wet- en regelgeving.







